Wij gebruiken cookies om uw ervaring met onze website te verbeteren. Door verder te browsen op deze website gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Lees verder voor meer informatie Cookies

Deze pagina bevat informatie over de GARDENA robotmaaiers. U kan de installatie film bekijken, zoeken naar voorbeelden van installaties, onze FAQ's lezen of ander interessante informatie vinden.

GARDENA Robotmaaiers

Frequently asked questions

GARDENA Robotmaaiers

Past de GARDENA robotmaaier ook in uw tuin ? Of hebt u een vraag ivm installatie of het gebruik van de GARDENA robotmaaier ?
U vindt alle antwoorden in deze FAQ sectie.

Checklist voor winterklaar maken van uw Robotmaaier

Als u het onderhoud aan uw robotmaaier voor de winter liever zelf wilt uitvoeren, raden wij u aan onderstaande checklist te raadplegen.

Service partners en verdelers

Contacteer ons voor uw dichtbijzijnde verdeler :
Per telefoon : +32 (0)2/720.92.12
Per e-mail : info@gardena.be

Beperkingen & mogelijkheden

  • 1

    Oppervlakke tot 1600m²

    De robotmaaiers kunnen oppervlakken aan tot 1600m², afhankelijk van het model, en wanneer hij werkt op de maximale capaciteit.

  • 2

    Hellingen tot 35%

    De GARDENA robotmaaier kan hellingen aan tot 35%. Stijlere hellingen kunnen voor beschadiging van het gras zorgen of van de robotmaaier.

  • 3

    Smalle doorgangen

    Afhankelijk van het model, is het noodzakelijk om doorgangen te hebben tussen 0.6 en 1.5 m breed om te verzekeren dat de robotmaaier makkelijk doorkan. Smallere doorgangen moeten vermeden worden.

Installatie films

Installatie video's voor SILENO robotmaaiers

Installatie voorbeelden

Installatie voorbeelden

Gelieve de informatie over installatie te downloaden. Deze PDF bevat verschillende voorbeelden van tuinen en kan helpen bij de installatie van de GARDENA robotmaaier in uw tuin.

Download de installatie voorbeelden

Documentatie

Handleidingen voor de robotmaaiers

Handleiding verloren? Of wenst u gewoon meer technische gegevens over de GARDENA robotmaaiers?


Snelgids

De snelgids helpt u snel en eenvoudig uw GARDENA robotmaaiers te installeren en te begrijpen.

Snelgids voor R40Li en R70Li

GARDENA robotmaaiers brochure

Zo worden tegenwoordig gazons gemaaid - volkomen ontspannen

Download de brochure
  • Paden

    Het gazon naast paden waar de GARDENA robotmaaiers over kunnen, zullen compleet gemaaid worden.

  • Bloembedden

    Naast bloembedden, struiken of grind, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Muren en vaste omheiningen

    Dicht bij muren of vaste omheiningen, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Laadstation

    Aan beide kanten van het laadstation, moet de begrezingsdraad mooi recht geplaatst worden (zie Handleiding voor correcte afmetingen). Dit garandeert dat de robotmaaier probleemloos in zijn laadstation rijdt.

  • Afstand voor laadstation

    De afstand voor het laadstation moet tussen: 2.0 en 3.0 meters zijn (zie Handleiding voor correcte afmetingen).

  • Elektriciteitsaansluiting

    Zoek de juiste plaatst voor uw laadstation dicht bij een elektriciteitsaansluiting (lage spanningskabel beschikbaar als accessoire tot 20m). De lage spanningskabel mag niet ingekort of verlengd worden voor technische reden (weerstand)Het laadstation moet eveneens op een gelijke ondergrond (zonder hellingen).

  • Doorgangen

    Een doorgang moet tussen 0.6 - 1.5m breedte zijn, afhankelijk van het model.

  • Helling

    De GARDENA robotmaaiers kunnen hellingen aan tot 35%, afhankelijk van het model.

  • Helling van begrenzingsdraad

    De maximum helling voor de robotmaaiers is 35%, afhankelijk van het model.

  • Helling van de begeleidingsdraad

    Zoek de juiste plaatst voor uw laadstation dicht bij een elektriciteitsaansluiting (lage spanningskabel beschikbaar als accessoire tot 20m). De lage spanningskabel mag niet ingekort of verlengd worden voor technische reden (weerstand)Het laadstation moet eveneens op een gelijke ondergrond (zonder hellingen).

  • Vijver

    Rond vijvers, moet de begrenzingsdraad gelegd worden op een afstand van een vaste omheining (bv. een muur) dat min. 15 cm hoog is.

Tuinen met doorgangen en hellingen

  • Begrenzingsdraad

    De begrenzingsdraad bepaalt de maaizone.

  • Begeleidingsdraad

    De begeleidingsdraad zorgt ervoor dat de robotmaaier steeds het laadstation terugvindt.

  • Timer

    Per oppervlakte van 30 m², moet u één maaiuur rekenen per dag. Bijvoorbeeld: Voor oppervlakken van 300 m², van 7.00 tot 17.00 of van 7.00 tot 12.00 en dan van 15.00 tot 20.00 (alle dagen van de week). Tijdens de maaitijden, beslist de robotmaaier zelf wanneer hij maait en wanneer hij terug gaat opladen. U kan ook de maaitijd verhogen om zo één maaidag per week over te slaan.

  • Paden

    Het gazon naast paden waar de GARDENA robotmaaiers over kunnen, zullen compleet gemaaid worden.

  • Bloembedden

    Naast bloembedden, struiken of grind, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Laadstation

    Aan beide kanten van het laadstation, moet de begrezingsdraad mooi recht geplaatst worden (zie Handleiding voor correcte afmetingen). Dit garandeert dat de robotmaaier probleemloos in zijn laadstation rijdt.

  • Afstand voor laadstation

    De afstand voor het laadstation moet tussen: 2.0 en 3.0 meters zijn (zie Handleiding voor correcte afmetingen).

  • Elektriciteitsaansluiting

    Zoek de juiste plaatst voor uw laadstation dicht bij een elektriciteitsaansluiting (lage spanningskabel beschikbaar als accessoire tot 20m). De lage spanningskabel mag niet ingekort of verlengd worden voor technische reden (weerstand)Het laadstation moet eveneens op een gelijke ondergrond (zonder hellingen).

  • Doorgangen

    Een doorgang moet tussen 0.6 - 1.5m breedte zijn, afhankelijk van het model.

  • Hellingen

    De GARDENA robotmaaiers kunnen hellingen aan tot 35%, afhankelijk van het model.

  • Helling van begrenzingsdraad

    De maximum helling voor de robotmaaiers is 35%, afhankelijk van het model.

  • Helling van begrenzingsdraad

    De maximum helling wanneer de begrenzingsdraad het gazon doorkruist is max. 10%. Indien de helling hoger is, kan de robotmaaier uit de maaizone glijden. Indien er een vaster limiet staat (bv. muur), kan de robotmaaier hellingen aan tot 35%, afhankelijk van het model.

Tuinen met vijvers en secundaire oppervlakken

  • Begrenzingsdraad

    De begrenzingsdraad bepaalt de maaizone.

  • Begeleidingsdraad

    De begeleidingsdraad zorgt ervoor dat de robotmaaier steeds het laadstation terugvindt.

  • Paden

    Het gazon naast paden waar de GARDENA robotmaaiers over kunnen, zullen compleet gemaaid worden.

  • Bloembedden

    Naast bloembedden, struiken of grind, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Obstakels

    Dicht bij muren of vaste omheiningen, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Muren en vaste omheiningen

    Dicht bij muren of vaste omheiningen, zullen er enkele centimeters niet gemaaid worden. U kan enkele vlakken stenen plaatsen om dit te vermijden.

  • Laadstation

    Aan beide kanten van het laadstation, moet de begrenzingsdraad mooi recht geplaatst worden (zie Handleiding voor correcte afmetingen). Dit garandeert dat de robotmaaier probleemloos in zijn laadstation rijdt.

  • Afstand voor laadstation

    De afstand voor het laadstation moet tussen: 2.0 en 3.0 meters zijn (zie Handleiding voor correcte afmetingen).

  • Elektriciteitsaansluiting

    Zoek de juiste plaatst voor uw laadstation dicht bij een elektriciteitsaansluiting (lage spanningskabel beschikbaar als accessoire tot 20m). De lage spanningskabel mag niet ingekort of verlengd worden voor technische reden (weerstand)Het laadstation moet eveneens op een gelijke ondergrond (zonder hellingen).

  • Vijvers

    Rond vijvers, moet de begrenzingsdraad gelegd worden op een afstand van een vaste omheining (bv. een muur) dat min. 15 cm hoog is.

  • Aparte maaizones

    Individuele / aparte zones die niet door de maaier kunnen bereikt worden (bv. door trappen) kunnen op manuele mode gemaaid worden. De robotmaaier moet dan handmatig naar de aparte maaizone gedragen worden, hij zal het gras maaien tot de batterij leeg is. Daarna moet u de robotmaaiers opnieuw naar zijn laadstation dragen.